Cyberpesten voor dummies

Hoe herken je het, maar vooral: hoe los je het op?

Cyberpesten. Misschien klinkt online pesten beter in de oren. Relatief weinig mensen hebben hiermee te maken. Maar helaas zijn het er alsnog te veel. Bangalijsten, naaktfoto’s en kwetsende teksten, dit zijn nog maar enkele voorbeelden van wat pestkoppen doen om hun slachtoffer te intimideren. En nog steeds is het een groot probleem in Nederland. Veel specialisten geven het onderwijs de schuld. Maar wat kunt u doen om cyberpesten bij uw leerlingen te voorkomen?

Hoofdstuk 1
“IK ZAG M’N WERELD INSTORTEN”

Hyves was een van de eerste socialemediakanalen waar je een eigen account op kon maken. Via dit account kon je berichten – krabbels – naar andere accounts sturen. Vaak waren het leuke berichtjes, maar in sommige gevallen niet. Veel jongeren verzwijgen pestproblemen, waardoor het gigantisch uit de hand kan lopen. Zoë heeft geluk gehad. Haar broertje zorgde ervoor dat de ouders en de docenten van Zoë op tijd konden ingrijpen.

“Het begon in de zomer na het eerste jaar van mijn middelbare school, toen was ik denk ik een jaar of 14. Ik was met mijn ouders en broertje op vakantie in Zweden. Ik heb heel veel verdrongen, maar volgens mij kreeg ik ineens allemaal rare berichten van mijn eigen vriendinnen. Dat kwam omdat ik verkering had met een jongen waarop mijn beste vriendin toen die tijd, verliefd was. Ik had een vriendinnengroep met vijf andere meiden. Een daarvan heeft iedereen tegen me opgezet. Zelfs mensen die niks met ons te maken hadden, bemoeiden zich ermee. Ik had het zelf niet gezien, maar mijn broertje zag dat mijn Hyves-pagina volstond met nare berichten. Eigenlijk is hij mijn redder geweest. Hij heeft mijn ouders meteen ingelicht en die hebben gezegd dat ik zelf niet meer op mijn Hyves-pagina mocht. Een vriend van mijn ouders is in Nederland op onderzoek uitgegaan. Hij heeft alle berichten en foto’s opgeslagen. Ik zag mijn wereld instorten. Het enige dat ik me nog herinner is dat ik echt niet wist wat ik fout had gedaan. Ik schaamde me dood. Mijn ouders hebben alle ouders van de pestkoppen gebeld, die schrokken onwijs en hadden niets door. Maar mijn vakantie was verpest.”

Na de vakantie van Zoë en haar gezin, zag ze er vreselijk tegenop om weer naar school te gaan. “Mijn ouders hadden in de zomervakantie al contact opgenomen met mijn mentor, maar natuurlijk vond ik het vreselijk om al die klasgenoten weer te zien. Mijn ouders en ik hebben een gesprek gehad met de docenten en aan de hand daarvan is besloten dat ik dit niet mocht negeren. Uiteindelijk heb ik met iedereen die medeplichtig was aan het pesten een gesprek gehad, wel samen met een docent natuurlijk. Ze konden hun excuses aanbieden, maar ook vertellen wat er achter hun pestgedrag zat. Dat was écht fijn. Na al die gesprekken heeft mijn mentor besloten dat ik naast iemand anders mocht zitten. In die tijd werden er nog klassenindelingen gemaakt. Eigenlijk voelde ik me verplicht om vriendinnen met haar te worden, maar inmiddels zijn we al bijna zeven jaar beste vriendinnen.”

Zoë heeft duidelijk geluk gehad, maar geeft wel aan dat de rol van een docent heel belangrijk is in dit proces. “Ik denk dat het belangrijk is om als leraar te weten wat er in het hoofd van je leerlingen omgaat. Blijf praten, ga met leerlingen in discussies. Maak ouders duidelijk wat cyberpesten inhoudt en geef aan dat ook zij weten wat hun kinderen op het internet doen. Ik heb geluk met mijn familie, maar ik vergeet dit nooit meer. Ik let nog steeds op wanneer ik nieuwe mensen ontmoet, omdat ik mensen minder snel vertrouw.”

Hoofdstuk 2
BIJNA 100.000 JONGEREN WORDEN GEPEST

Volgens het CBS neemt cyberpesten nog steeds toe. Dit blijkt uit een onderzoek dat uitgevoerd is in 2016. Dus dat cyberpesten blijft groeien in Nederland, is een feit. Maar hoeveel jongeren worden nou eigenlijk gepest?

TaartdiagramAcht procent van de jongeren in Nederland tussen de 13 en 18 jaar geeft aan gepest te worden. Dat zijn in totaal 98.673 jongeren. Misschien zijn het er wel meer. Want wie zegt dat alle jongeren aangeven dat ze gepest worden? Twee derde van deze jongeren geeft aan dat ze de dader kennen. Vaak is het een klasgenoot of vriend. Het aantal jongeren die daadwerkelijk aangifte doet van cyberpesten is heel weinig. Dat zijn in totaal maar 13.814 jongeren.

 

Knipsel222

Volgens het Trimbos-instituut wordt één op de zes jongeren weleens
gepest via het internet.

Knipsel333

In de grafiek hiernaast zie je de verschillende vormen van cyberpesten en in welke hoeveelheid dit voorkomt. De meest voorkomende vorm van cyberpesten is laster. Hieronder verstaan we kwetsende teksten, foto- en videomisbruik en het verspreiden van roddels.Knipsel444

Knipsel55

Jongeren met een lichtverstandelijke beperking komen vaker in problemen door het gebruik van sociale media. Remco Pijpers van Stichting Kennisnet, zegt in een artikel van de Volkskrant, dat er genoeg voorlichtingsmateriaal is, maar niet geschikt voor jongeren met een licht verstandelijke beperking. “Deze jongeren hebben niet door wat er gebeurd als iemand aardig tegen ze is. Ze willen erbij horen.”Voor leerkrachten is de situatie vaak schrijnend. “Ze weten niet meer wat ze ermee aan moeten.”

Volgens Pijpers stopt pesten nooit. “Extra campagnes zullen niet helpen. Belangrijker is dat scholen en ouders op een positieve manier met kinderen praten over sociale media. Het hoeft niet meteen over pesten te gaan, maar wat doen kinderen online? En hoe ga je online met andere kinderen om?”

Hoofdstuk 3
CYBERPESTEN UIT ZICH ZO

Internet is niet meer weg te denken bij leerlingen. Zo ook op scholen. Leerlingen maken toetsen en leren talen of rekenen. Helaas heeft het internet niet alleen veel goeds te bieden. Ooit gehoord van cyberpesten? Dat gebeurt helaas nog te vaak in Nederland. Veel kinderen maken het mee. Ze worden online gepest. En dat achter de rug om van ouders en leerkrachten. De pestkop bedoelt het alleen als plagerijtje, maar de persoon die gepest wordt voelt dat niet zo. Cyberpesten wordt onderschat.

Waarom cyberpesten in plaats van pesten? Dit is de makkelijkste weg voor de pestkop. Het ‘voordeel’ voor de pestkop is dat hij alles kan zeggen. Er zijn verschillende manieren van cyberpesten. De meest voorkomende voorbeelden zijn:

  • Fotomisbruik. Sinds de komst van smartphones, maken jongeren overal foto’s van. Ook onopgemerkt. Deze foto’s kunnen persoonlijk en nog vaker gênant zijn. Vaak worden deze foto’s eerst bewerkt en dan op het internet geplaatst. Wanneer deze foto’s op het internet worden geplaatst, kan iedereen dit zien en is het dus schadelijk voor de persoon.
  • Bezemen. Het woord is straattaal voor hoer. Bij bezemen worden meisjes afgebeeld als hoer op het internet. Pestkoppen halen foto’s van sociale media zoals Facebook, Instagram en Snapchat en monteren deze vervolgens achter elkaar. Over deze foto’s worden kwetsende teksten geplaatst. Vaak ook nog met de naam en telefoonnummer van het meisje. Er wordt muziek onder het filmpje gezet en deze wordt geplaatst op internet. Iédereen kan dit dus zien.
  • Naaktfoto’s of video’s. Dit komt veel te vaak voor. Jongeren sturen elkaar naaktfoto’s en vervolgens worden deze op het internet gepubliceerd. Dit gebeurt vaak uit jaloezie of als een relatie uit gaat. Ook dit staat op het internet en verdwijnt nooit meer.
  • Kwetsende teksten. Naast foto’s en filmpjes worden er veel kwetsende teksten verspreid op het internet. Dit komt nog wel het meeste voor. Jongeren worden uitgescholden en bedreigd via chats, Facebook, Snapchat en Instagram.
  • Laster. Dit is het zwartmaken van een ander door deze persoon in het openbaar, dus op internet, te beschuldigen van zaken die niet waar zijn.

En het stopt niet. De manieren worden uitgebreid en verspreid. Het lijkt wel alsof cyberpesten alleen maar stijgt in plaats van daalt. Als een persoon online wordt gepest, is dat niet het enige, de persoon wordt te schande gezet tegenover heel het onlinenetwerk. Het is een groeiend probleem. Vaak hebben ouders en leerkrachten het niet door, omdat jongeren cyberpesten verzwijgen. Soms zelfs voor zo’n lange tijd, dat het te laat is. Cyberpesten wordt vaak genegeerd, maar dat kan écht niet meer.

Hoofdstuk 4
HOE PESTPROOF IS UW SCHOOL?

Werkt uw school met een pestbeleid? Communiceert u regelmatig met de ouders van uw leerlingen? Of klinkt dit allemaal niet bekend? Doe de pestprooftest en ontdek of uw school PESTPROOF is!

Hoofdstuk 5
TIEN TIPS OM CYBERPESTEN TE VOORKOMEN

Als leerkracht bent u genoodzaakt verantwoordelijk te zijn. Het is logisch dat leerkrachten niet altijd álles van leerlingen weten, maar pesten is een van de belangrijkste dingen die u wel móet herkennen. Met onderstaande tips vermijdt u dat cyberpesten uit de hand loopt.

  1. Neem leerlingen serieus. Het is belangrijk dat een leerling zich veilig bij u voelt. Mocht iemand gepest worden, wordt dit waarschijnlijk eerder bij u gemeld dan bij de ouders. Neem deze melding serieus, zodat het zo snel mogelijk opgelost kan worden.
  2. Grijp meteen in. Als u meteen ingrijpt bij pestgedrag, weten leerlingen dat dit niet door u geaccepteerd wordt. Zorg ervoor dat pesten niet aangemoedigd maar gestopt wordt.
  3. Neem contact op met de ouders. Als u weet dat een leerling gepest wordt, moet u meteen de ouders inschakelen. Samen met hen kunt u het probleem oplossen.
  4. Help de pester. Een pestkop pest niet voor niets. Hoe raar het ook klinkt, maar help de pester. Zorg dat u inzicht krijgt in de gedachtegang van de pester. Waarom pest hij?
  5. Ga in gesprek met meelopers. Vertel klassikaal dat er gepest wordt. Dit zal voor de meeste geen verrassing zijn, want leerlingen doen elkaar na. Maak duidelijk dat leerlingen die weten van pesten, maar niets doen, eigenlijk even schuldig zijn.
  6. Maak duidelijk dat cyberpesten grote gevolgen kan hebben. Leg uit dat het grote impact heeft op het slachtoffer. Veel kinderen staan hier niet bij stil. Er zijn niet voor niets al een aantal zelfmoorden gepleegd met cyberpesten als hoofdreden.
  7. Zorg ervoor dat je de socialemediakanalen kent. Het is belangrijk om als leerkracht te weten wat er speelt. De wereld heeft een digitale vlucht genomen. Zorg ervoor dat je weet welke kanalen er actief zijn en waar de leerlingen actief op zijn.
  8. Let extra op de buitenbeentjes. In een groep zijn altijd een aantal kinderen die er niet helemaal bij horen. Let extra op deze leerlingen en probeer ervoor te zorgen dat ze iets weerbaarder worden.
  9. Schakel collega’s in. Zorg er samen met je collega’s voor, dat pesten op jullie school niet geaccepteerd wordt. Maak gezamenlijke afspraken hoe je dit aan kunt pakken.
  10. Zorg ervoor dat je áltijd aanwezig bent. Dus niet alleen in de klas, maar ook in de schoolgangen en op het terrein van de school.

Voor nog meer handige tips, klikt u hier.

Hoofdstuk 6
DE MENING VAN EEN EXPERT

Sommige scholen hebben een bepaald beleid voor pesten, maar veel scholen weten niet hoe ze met pesten om moeten gaan. In een interview met LINDA.nieuws vertelt Bob van der Meer dat scholen verkeerd omgaan met pesten. Begin dit jaar pleegde Tharukshan zelfmoord omdat hij gepest werd. Bob van der Meer maakt zich zorgen over de aanpak van pesten in het onderwijs.

Bob van der Meer is psycholoog, onderwijskundige, voormalig docent én expert op het gebied van pesten in het onderwijs. Volgens van der Meer pakt het onderwijs pesten niet goed aan. “Scholen hebben het idee dat ze alles makkelijk kunnen afhandelen. Maar ze kunnen ‘normaal’ pesten al niet aan, laat staan als pesten in een zelfmoord eindigt.” Het is niet de eerste keer dat iemand zelfmoord pleegt met pesten als reden op een middelbare school.

Wat kan een school doen? “In mijn visie moeten we al op de kleuterschool beginnen met praten over pesten. Je geeft leerlingen duidelijke regels over hoe je met elkaar omgaat. In samenwerking met de Fiep Westendorp Foundation heb ik kaartjes gemaakt waarbij kinderen die regels spelenderwijs kunnen leren.”

Knipsel

Misschien is dit makkelijker gezegd dan gedaan. Want hoe gaat dit dan na de kleuterschool? “In het basisonderwijs, en in grotere mate in het voortgezet onderwijs, moeten scholen hun leerlingen vervolgens zelf verantwoordelijk maken voor het vormen en naleven van die regels. Kernpunt moet zijn: we zijn verantwoordelijk voor elkaars sociale veiligheid. Iedereen heeft het recht en de plicht om te praten over pesten.”

In het geval van de vijftienjarige jongen die begin dit jaar zelfmoord pleegde, ging het om cyberpesten. Scholen hebben daar geen inzicht op. “Dat klopt: negentig procent van wat er tussen leerlingen gebeurt, zie je als school niet. Daarom is het als school dus van belang om kinderen te wijzen op hun sociale verantwoordelijkheid, maar ook op hun wettelijke plichten. In veel gevallen gaat het bij online pesten om strafbare feiten. Dit moet ook meteen vertelt worden tegen leerlingen.”

Van der Meer vindt dat scholen een duidelijk voorbeeld moeten stellen. Als leerlingen regels overtreden, moeten ze geschorst worden, of zelfs van school gestuurd. “Het bestuur van een school heeft de plicht om niet alleen voor de lichamelijke, maar ook voor de psychische veiligheid van leerlingen te zorgen. In die zin is een verkeerde aanpak van pesten dus een onrechtmatige daad, waarvoor scholen kunnen worden aangeklaagd.”

Het lijkt erop alsof van der Meer vindt dat scholen moeten worden aangeklaagd na de zelfmoord van een leerling. “Het lijkt alsof scholen een soort geheimhoudingsplicht hebben omtrent de zelfmoord van hun leerlingen. Niemand durft de vuile was buiten te hangen. Ze zijn bang voor de gevolgen: scholen waarbij bewezen is dat leerlingen ernstig te lijden hadden onder pestgedrag, zien de leerlingenaantallen ernstig teruglopen. Sommige scholen moeten zelfs sluiten.”

Van der Meer vindt dat scholen zichzelf in bescherming nemen. “Je doet hiermee geen recht aan de leerlingen. Vergelijk het maar eens met een ongeluk op de A2. Moet je eens kijken hoe zorgvuldig een ongeluk op de snelweg wordt onderzocht, er wordt alles aan gedaan om tot in detail uit te zoeken wat er is gebeurd. Komt er een leerling om het leven? Dan komt er een incompetente commissie die de ballen verstand heeft van pesten om alles met de mantel der liefde te bedekken.”

De politiek reageert niet meer op zijn brieven. “Ik heb mijn bevindingen en antipestbeleid bij verschillende scholen aangekaart en stuur al sinds 1995 brieven naar de politiek. In 2008 kreeg ik een brief waarin stond dat de politiek niet meer zou reageren op mijn brieven. In 2013 bevestigde staatssecretaris Dekker dat nog een keer. Mijn pogingen om het beleid te veranderen, werden me niet in dank afgenomen. Ik schaam me omdat ik niet in staat ben geweest om het tij te keren, maar ik heb zeker mijn best gedaan.”

Het hele interview lezen? Klik hier.

HOOFDSTUK 7

Meer lezen over cyberpesten bij leerlingen? Hieronder vind je nog meer artikelen en korte filmpjes hoe je cyberpesten het best kunt herkennen.

IT’S UP TO YOU
It’s up to you is een interactieve film die als interventie tegen cyberpesten wordt ingezet op scholen. Leerlingen bepalen zelf de keuzes van de hoofdpersoon en creëren daarmee hun eigen persoonlijke verhaal waarin ze direct de gevolgen van hun acties ervaren. In een aansluitende discussie stelt de klas vervolgens gedragscodes op. Het gratis lespakket is te gebruiken als onderdeel van een schoolbrede aanpak tegen pesten en is erkend door de erkenningscommissie Jeugdinterventies van het NJI/RIVM.
Meer informatie? Bekijk de trailer van IT’S UP TO YOU.

Waarom elke docent ‘13 reasons why’ zou moeten kijken
Er wordt veel geschreven over de nieuwe hit van Netflix ‘13 Reasons Why’. Volgens psychologen zou de serie jongeren die depressief zijn op verkeerde gedachten kunnen brengen. Daarnaast zou maar één kant van het verhaal worden belicht, wat een onrealistisch beeld geeft. Op Twitter zijn de reacties uiteenlopend. Sommigen vinden het een meeslepende en goede serie. Anderen vinden de serie puberaal. Ook wordt gezegd dat het irritant kijken is omdat de hoofdpersoon zo provocerend spreekt. Waar gaat de serie over? En waarom zou elke docent de serie moeten kijken? Lees snel verder.

Op een op de drie scholen in Nederland worden leraren zélf gepest
Ook de leraar is soms het pispaaltje van de klas. Vakbond CNV Onderwijs maakt uit een enquête onder 4262 leraren in het basis- en middelbaar onderwijs, onderwijsondersteuners en schoolleiders op dat op 31 procent van de scholen leerkrachten gepest worden. Lees hier het hele artikel.

 Like me
Met het programma Like me wordt een open gesprek mogelijk over sociale media, sociale veiligheid en cyberpesten. Naast voordelen en kansen brengt het gebruik van sociale media en gamen ook ernstige risico’s met zich mee. Cyberpesten is hetzelfde als pesten maar dan 24 uur per dag, 7 dagen in week. Niet alleen op school of op straat, maar overal, waar je ook bent. Groepsdruk, intimidatie, een uitdagend profiel aanmaken, filmpjes en foto’s posten. Het is zo de wereld in, en er is geen weg terug. Digitale media maken het nog veel belangrijker voor jongeren om te weten wie ze zijn en waar hun grenzen liggen. Zelfkennis is dan ook een belangrijk thema binnen het programma Like me. Klik hier voor de trailer.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s